Zorg voor vader gedurende de vierde industriële revolutie

De arme bevolkingsaanwas moest het gedurende de eerste industriële revolutie stellen zonder borstvoeding. Nu meer dan anderhalve eeuw later staan gezondheid en welzijn van een grote groep Nederlanders opnieuw onder druk, nu door ontbrekend vaderschap.

December 2008 publiceerde het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde cijfers over de periode tussen 1850 en 1880. De sterfte in het eerste levensjaar was destijds hoger dan 200 per 1000 levendgeborenen. In de provincies Zuidholland en Zeeland en in delen van Brabant en Limburg zelfs nog hoger: 300 per 1000 levendgeborenen. Industrialisatie en mechanisering in de toenmalige economie van ons land brachten veranderingen voor het sociale leven in de stedelijke gebieden. Enkele tientallen jaren later zien we dit voor Gelderland, Overijssel en de rest van Brabant.

Enerzijds bracht de omwenteling werkloosheid en armoede met zich mee voor velen, anderzijds konden gemeenten voor het eerst gezondheidsgegevens registreren. Vrouwen die lange dagen werkten zagen af van borstvoeding. Alleen al in het eerste levensjaar had een Nederlands kind toen 2,5 keer meer kans op sterven dan tegenwoordig een kind in Angola of Somalië. Geschiedenis laat dus zien dat ons land wat betreft zuigelingensterfte geen vlekkeloos verleden heeft.

Zuigelingen fles

In de noordelijke provincies bleven vrouwen met de borst voeden. Hierdoor was in deze regio minder sterfte en bovendien stelt borstvoeding ovulatie uit en bleven aldus de gezinnen kleiner. Het artikel van professor Treffers laat zien dat na 1890 overal in Nederland het aantal geboorten per gezin afnam. Hierdoor verminderde de armoede en konden kinderen hogerop komen.

Tegenwoordig

Stonden in de periode na de tweede wereldoorlog nog buurt en lokale zuilengemeenschap klaar om alles mee te helpen regelen, sinds de individualisering en het profijtbeginsel komt het de laatste decennia meer en meer aan op beide ouders en bovendien in een korte periode. Immers voor je het weet is het kroost de deur weer uit en gaat de belangstelling uit naar gezondheid voor de oude dag zoals bijvoorbeeld het bestrijden van hartklacht en reumatische aandoening. Het draagvlak voor gezondheidszorg voor grootbrengen kent dus zijn grenzen. Niet te min is binnen de gezondheidszorg de aandacht voor kindersterfte onverminderd hoog.

De sterfte is nu zeldzamer maar de bekende parameters tonen nog steeds relatief grote verbeteringen:

Tabel kindersterfte

Hielprik

Pasgeboren baby’s worden over enkele jaren met een hielprik getest op 31 ziektes, nu zijn het er nog 19. De bedoeling is tijdig aan het licht brengen van de aandoeningen. Met het huidige programma worden zo’n 180 zieke kinderen per jaar opgespoord. Na de uitbreiding komen daar naar schatting 20 tot 40 bij.

De ziekten die met de hielprik worden gevonden, zijn in de meeste gevallen niet te genezen maar wél te behandelen. Het vroeg opsporen van de aandoening voorkomt of beperkt ernstige schade aan de geestelijke en lichamelijke ontwikkeling. Het overgrote deel van ouders doet mee aan de hielprik, vorig jaar was de deelnamegraad 99,2 procent.

Hielprik

Vooruitgang in het bestrijden van zeldzame ziekten wordt mede gedreven door verbeterde gezondheidszorg techniek. Daarnaast gaat het om kwaliteiten voor het leven voor de grote groep van meer dan 173 duizend Nederlandse geboorten in 2017:

Rijks vaccinatie programma

Immuniseren in Nederland beschermt kinderen tegen 12 ernstige infectieziekten. Om zuigelingen effectief te kunnen beschermen, is tijdig toedienen van de vaccinaties van belang. 89 procent van de zuigelingen krijgt de eerste DKTP vaccinatie (difterie, kinkhoest, tetanus en polio) op tijd, voordat ze 10 weken oud zijn. Bovendien is de volledige deelname aan de primaire DKTP-serie (de eerste drie vaccinaties) verbeterd van 60 procent voor kinderen geboren in 2007 naar 69 procent in 2012.

Vanaf 2012 komen alle zuigelingen in aanmerking voor hepatitis B vaccinatie, deze wordt tegelijkertijd toegediend met de prikken tegen DTKP en haemophilus griep type b.

De BMR (tegen bof mazelen en rodehond) voor schoolkinderen van 9 jaar heeft in 2015 een vaccinatiegraad van 93 procent. Minimaal 95 procent is nodig voor bescherming van de bevolking als geheel (groepsimmuniteit) tegen uitbraken en vanwege het streven van de World health organization (WHO): het wereldwijd uitroeien van mazelen. Bron: Van Lier en anderen.

De deelname van meisjes op de leeftijd van 12 jaar aan de vaccinatie tegen baarmoederhalskanker is in 2015 gestegen tot 61 procent maar daarmee nog onder de maat. Inenten blijft nodig om te zorgen dat deze ziekte minder voorkomt.

Televisie en kranten berichten regelmatig over medisch technologische vondsten zoals het voorkomen van bepaalde genetisch aandoeningen. Soms lijkt blauwe lucht de limiet. Maar in feite bepaalt de samenleving ++ geadviseerd door mensen die zich voor de maatschappij inzetten ++ wat wenselijk is en mag.

Vierde industriële revolutie

De laatste decennia is de maatschappij net als in de 19e eeuw aan veranderingen onderhevig. Zwaar werk wordt door machines gedaan. Werk wordt verplaatst naar andere landen. Een verbod is op roken in kroegen, vriendschap wordt beleefd via platte beeldschermen. Munten, bankbiljetten, geldautomaten verdwijnen, betalen wordt zelfs contactloos. Wie wil bijblijven dient zich permanent bij te scholen. Sociale mobiliteit rukt families uit elkaar. Dit alles brengt ongeloof, ongemak en verwarring met zich mee. Een oplossing is nauwelijks in zicht.

Het aantal boerenbedrijven is sterk gedaald wat de grondvesten onder lokale besturen in beweging heeft gebracht. In de strijd om staande te blijven vinden velen werk in zogenoemde fintech bedrijven en voeren toevallige profeten de boventoon. Velen denken slechts aan eigen gewin en alimentatie uitkering. Diegenen die zich bekommeren om het samenlevingsverband en de maatschappij zitten in de beklaagdenbank en zijn overgeleverd aan permanente feedback.

Vader

Verhalen die over mannen de ronde doen zijn steeds minder in balans en drijven af van zijn doel thuis en in de samenleving en wat wij als mensen waardevol vinden. Ruime steun is voor de vele ontwikkelingen die in gang zijn gezet door verbeterde scholing en technologische vondsten. Terug willen naar hoe het vroeger was (regressie) is geen optie meer. Oud ijzer dat alles wil uitbannen wat anders is en nieuw is, heeft zijn tijd gehad. Hier en daar zien wij worstelingen van conservatieven die zich verzetten tegen het idee dat zij huurlingen zijn van diegenen die de vierde industriële revolutie dragen. Het belang van menselijke waarden en inspiratie lijken ondergesneeuwd. Hebben gevestigde instanties hun oordeelsvermogen verloren? Politie en lokaal bestuur laten een ontzielde indruk achter.

Hoe maken we Nederland weer menselijk en wat kan gezondheidszorg daar aan bijdragen? Nu tegen vele infectieziekten een succesvol rijksprogramma bestaat, zijn sociale professionals aan de beurt voor het op orde brengen en houden van de maatschappelijke rol van de kostwinner en van vaderschap. Dit zal de kwaliteit van grootbrengen verhogen:

1) Een minder gunstige situatie is anonieme zaaddonatie in geval van een kinderwens van een alleenstaande vrouw. Dit wordt inmiddels kritischer bekeken dan tot voor kort. Wél is zaaddonatie aangewezen indien een man onvruchtbaar is en het koppel niet te min wil opvoeden. Wetenschap en ethiek hebben normen gebracht zodat kinderen hun beide biologische ouders kennen.

(2) Huishoudens met slechts een alleenstaande ouder komen tegenwoordig veel vaker voor dan de zeldzame aandoeningen waar de medische wetenschap vorderingen mee maakt. De opvoedingsmogelijkheden van sommige alleenstaande vrouwen werden jarenlang overschat: binnen enkele jaren werd het kroost alsnog uit huis geplaatst. Dit alles heeft vaders in hun leven ten achter gesteld met alle gevolgen van dien. Assen heeft een project dat vaders uitsluit van ‘Veilig thuis’.

Het resultaat van opvoeden hangt samen ++ naast genoten scholing ++ met de sociaal economische status van vader. Het weghouden van vader uit opvoeden – wat in hulpverleningsland een bestaand gebruik was en is – werkt averechts. In de periode van vóór windows 95 had verzet tegen de pioniers van de moderne informatie maatschappij nog een grond. Inmiddels profiteert een meerderheid van smartphones en tablets maar vele tienduizenden vaders die hun kroost zagen ontvaderen zitten nog met de brokken. Hier kan genoegdoening en gezondheidsbevordering nog de meeste impact hebben.

(3) Op 1 januari schreef Jill Egizii op facebook over haar ervaringen. Zij is burgemeester in Illinois (Amerika). De kinderen van Jill zijn gegijzeld door grootouders aangesloten bij een kerkelijk genootschap. Het verhaal heeft inmiddels meer dan 340 reacties van mensen die dit herkennen. Zij leven met haar mee. Vanwege moderne tijden verlangen oude mensen naar vroeger en kapen dan kinderen opdat die oude mensen een eeuwige jeugd beleven. De kinderen die het treft komen daarmee op een achterstand.

Omgaan van grootouders met kinderen kan een functie hebben echter verdringen van échte ouders is uit den boze. Op de gevaren van gijzeling van kinderen door ouden van dagen wordt nog onvoldoende gewezen: hier ligt een taak voor gezondheidszorg.

(4) Verwachting is dat co-ouders en meerouder gezinnen over het algemeen een gunstiger milieu vormen, nader onderzoek kan dit begeleiden. In de 80s zorgde ik als wetenschappelijk medewerker van Jo Hermanns voor kunstmatige intelligentie ten behoeve van het pedagogisch instituut van univ Utrecht. Nu jaren later is professor Hermanns lid van de staatscommissie ‘Herijking meerouderschap’. Sinds eind 2016 heeft de commissie lijvige rapporten uitgebracht over deze materie. Nu is implementatie in de regio aan de orde.

Sociale professionals

Zorg door kraamvrouwen en sociaal-pedagogische medewerkers is vaak toereikend en betaalbaar. Dikwijls is expertise en leiding op zijn plaats. Zorg kent vele voorbehouden handelingen die slechts door hbo-ers en academici kunnen en mogen verricht. In platland lijkt een soort van ‘islamofobie’ tegen sociale wetenschappers. De houding in buurten ten opzichte van innovatie werkers en academici in het algemeen is onvoldoende behulpzaam. Onbedoeld heeft dit ernstige gevolgen. Het ziekenhuis te Emmen heeft een afdeling (tijdelijk) moeten sluiten bij gebrek aan kinderartsen. Wanneer krimp van de autochtone bevolking de regionale politiek slechts hoofdbrekens oplevert en het ziekenhuis onvoldoende in een vruchtbaar klimaat kan functioneren, is immigratie een logisch gevolg. Dit is in feite aan de hand.

Prognose groei bevolking, migratie achtergrond

Diegenen die maatschappelijk betrokken zijn en goede doelen nastreven, zijn toe aan het boeken van vooruitgang voor het moderne en actieve deel van de bevolking. De zorgprofessional met sociale kennis en bewezen spoor dient zich aan voor het betaald op orde brengen en houden van opvoeden, aanvullend op de prestaties die medische artsen de afgelopen twee eeuwen leveren.

Bert Kerkhof
Ceo Kind in de knel organisatie

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

Mogelijk gemaakt door WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: